Het cliché: Nederlanders en hun fietsen....

Het was onvermijdelijk en sommigen onder jullie hadden dit item ooit wel eens verwacht. Omdat ik nou eenmaal aan de wensen tegemoet wil komen, ziehier dan de Belgische kijk op het fietsgedrag van de Nederlanders.

Ten eerste moet ik zeggen dat toen we hier pas woonden ik verheugd was een woning te vinden die een vijftal minuten fietsen van mijn werk lag. Ik kon me dan meteen onderdompelen in een oeroud gedrag waar maar heel weinig Nederlanders zich niet aan begeven. Door wind en regen fiets ik "vrolijk" elke dag naar mijn werk (behalve als ik net mijn haar net heb geföhnd). Ik voelde me meteen al een rasechte Nederlander. Ik moet eerlijk bekennen dat als het werk langer dan vijf minuten fietsen ver was geweest, mijn luie aard naar boven was gekomen en ik overgestapt was naar de concurrentie: de auto. Je moet namelijk weten dat ik- nog als Belgische inwoner- zelfs de auto nam om naar de bakker te rijden (toen ook vijf minuten fietsen). Ten eerste had ik geen fiets en ten tweede kwam het niet eens bij me op om zo'n "verre" afstand op een andere manier af te leggen.

Fietsen in België? Kom nou! Tenslotte zijn fietspaden in België een rariteit waar je wel eens over hoort (van Nederlanders), maar waar je geen voorstelling van kan maken. Als er al eens een paadje voor fietsers is aangelegd, rijd je gewoontegetrouw er toch naast. Wat is dat stuk daar naast de weg? Een bord met een fiets op, wat betekent dat (en ga nu niet meteen roepen: "domme Belgen")? Het was zelfs zo erg dat ik tijdens de tweede poging om mijn rijexamen te halen faalde omdat ik een fietser over het hoofd had gezien. De examinator kon er niet om lachen toen ik vroeg: "wat is dat een fietser?"

Mijn man die door en door Nederlander bleef fietste wel elke dag op zijn mountainbike naar zijn werk toe. Ik kan me nog goed herinneren dat het vaak een gevloek en getier was op het Belgische verkeer tegenover fietsers en het gebrek aan fietspaden. Enfin, eind goed al goed. Ik kan me nu eindelijk inleven in de denk- en leefwereld van de dappere fietsers. Want geef toe, Nederland is een fietsparadijs. Braaf stoppende auto's (over het algemeen toch), fietspaden in overvloed, voorrang van alles en iedereen. Ik vind het nog steeds een lieflijk gezicht om een moeder met kind voorop op de fiets te zien of een vader met het kind achter in een fietsbak. Dat vind ik nou één van de meest typisch Nederlandse straatzichten. En wat ze allemaal op één fiets gestouwd krijgen; niet alleen een kind, maar eveneens bergen boodschappen. Ze zouden er een olympische sport van moeten maken. Mijn Amerikaanse collega raakt er eveneens niet over uitgepraat dat een auto je hier zelfs als fietser opmerkt! In Amerika, waar fietsers op de lijst van bijna uitgestorven soort staat mag je blij zijn als je elke dag heelhuids thuis komt.

Mijn eerste fiets hier was tweedehands, netjes opgezocht in het viavia krantje. Door al die verhalen over diefstal had ik de schrik goed te pakken, dus zoals het hoorde waren mijn sloten duurder dan de fiets. Een jaar later echter liet de fiets het afweten (waarschijnlijk stuk gereden door mijn onervarenheid). De kosten waren duurder dan de waarde van die arme fiets. Dus liet ik me ompraten door mijn man om een nieuwe fiets te kopen. Trouwens, mijn kont schreeuwde om een goed zadel. Nog steeds onder invloed van Nederland kocht ik dan ook een heuse nonnetjes fiets (halleluja!). Met een anti-diefstal verzekering voor drie jaar, wel te verstaan (de paranoia was ik nog steeds niet kwijt). Mijn man probeerde me gerust te stellen door te zeggen dat fietsdiefstal in Nederland tot folklore is verheven. Nou ja! Maar goed, mijn eerste nieuwe fiets in Nederland en wat bleek achteraf; de fiets was van Belgische makelij! Soort zoekt dus toch soort.

En om terug te komen op mijn vorige column heb ik de reden gevonden waarom die snoepende Nederlanders toch niet zo zwaarlijvig zijn: fietsen natuurlijk!

Terug naar het Overzicht